Gastles Encora

Lieve bloggers,

ik kom nog iets moois met jullie delen dat ik echt niet langer voor mezelf kan houden en ook een stukje geschiedenis om te kaderen waarom ik deze koers nu vaar 
Afgelopen week mocht ik op twee plekken gaan spreken over m’n boek,
armoede en de hulpverlening.
Het werden twee bijzondere ervaringen.
Terwijl ik wel vaker voor groepen heb gesproken is dit toch wel iets unieks.
Het was plots helemaal vanuit mezelf zonder opgelegde dingen van bovenaf. Het gaf me een vrijheid die nodig is om kritisch uit te mogen spreken wie wij eigenlijk als mensen zijn voor onze medemensen. Hoe we oordelen over het anders zijn en dat staat dan nog geheel los van armoede.

Als je weet dat ik jaren binnen Kind en Gezin heb gewerkt binnen twee verschillende teams en aldaar amper 20% van de teamleden openstond voor mijn functie, laat staan voor de inhoud en de visie die ik heb. Er geen duidelijke taakomschrijving was en dit vaak nog steeds niet duidelijk is.
Dan weet U hoe moeilijk het werken is binnen deze organisatie als je een sleutelfiguur bent. Gelukkig zijn er ook sterke teams met fantastische samenwerkingsverbanden die bewijzen dat het anders kan.
Mijn functie werd op verschillende vlakken geboycot en ik had het geluk dat sommige teamleden geloofden in een samenwerking met mij. Niettemin is de moeilijke samenwerking met enkele ervaringsdeskundige (in het verleden werden ze niet altijd voldoende gescreend al vergeten ze dat dit ook van toepassing is binnen andere functies) voor hen een reden om aan de meerwaarde van mijn functie te twijfelen en me op een denigrerende respectloze manier te behandelen . Het geeft hen zelfs het recht ons als minderwaardige collega’s te zien: geloven wie geloven kan… Dat de transformatie van de organisatie zelf moet komen is nog niet helemaal duidelijk. Dat enkel zij dit gedrag een halt kunnen toeroepen lijkt ondanks de vele verschillende functies en ondersteuningsvormen, vaak een maat voor niets geweest. Ik moet je niet vertellen hoeveel weggegooid geld je dan in stand houdt, again and again and again.. .Dat er nog heel sterk uitsluitingsgedrag aanwezig is stoorde me het meest en dit was dan nog los van mijn functie. Ik had geen zin, tijd, noch energie om me met zulk onvolwassen gedrag bezig te houden en het belemmerde me om mijn taken binnen de organisatie op te nemen op een positieve manier. Van zo’n organisatie verwacht je dat ze zorg dragen voor elk personeelslid. Dat roddels en pesterijen niet gedoogd worden. En dat indien ze samenwerken met mensen zoals wij dat dit ten aller tijde op een respectvolle manier gebeurd. Ik koos dan maar om de eer aan mezelf te laten en de organisatie achter mij te laten. Ik was er jaren eerder om dezelfde teleurstellingen opgestapt. Ik had ze ‘naar mijn beleving’ opnieuw een kans gegeven maar ze waren ondanks mijn geloof; niet gegroeid zoals ik had gehoopt. Ondanks het feit dat ik erg geloof in de kwaliteiten van deze organisatie en sommige personeelsleden, sleepten dezelfde moeilijkheden voortdurend aan. Als ik betaald word om aan te modderen en mijn eigenwaarde hiervoor moest inzetten dan verlies ik mijn positiviteit, en laat nu net dat zijn wat ik niet wil verliezen “De moed en het geloof dat het anders kan”. Ik nam 1 van de verstandigste beslissingen ooit want ik wou me niet langer klein voelen door zoveel onwetendheid en dat dan nog van mensen waarmee je samen een betere hulpverlening tracht te organiseren. Je verwacht van zulke mensen toch een minimum aan professionaliteit. Maar helaas geloofde een verpleegkundige dat ik er vooral was om mijn sociaal leven inhoud te geven; volgens haar was ik opzoek naar vriendjes. Terwijl mijn sociaal leven mooi gevuld is. Het was haar vooroordeel die een prachtige samenwerking onmogelijk had gemaakt. Ze voelde zich vooral bedreigd dat ik met mijn visie haar visie ondermijnen zou… Dat zelfreflectie noodzakelijk is voor een betere samenwerking was voor haar een brug te ver… supervisies werden in mijn team dan ook als lachwekkend beschouwd en overbodig. Terwijl supervisies net maken dat mensen leren stil staan bij eigen gedrag enz…
‘Been there done that… ‘ Als we niet naar onszelf kunnen kijken hoe wil je dan in godsnaam verandering realiseren? En dan verwacht men wel dat gezinnen stilstaan bij hun eigen verantwoordelijkheden? Kunnen we misschien als hulpverleners een voorbeeld zijn door onze eigen beperkingen te erkennen en hier rond te werken? Ik begreep al gauw dat er niets veranderd was en liet de organisatie volledig achter mij  Zou ik ooit nog iets kunnen betekenen voor de hulpverlening… zonder dat hulpverleners doen of ik nonsens verkondig en mijn leven één grote leugen is waar ik zelf verantwoordelijk voor ben geweest? Zou ik een manier vinden om niet meer over mezelf te laten lopen en toch nog van betekenis te kunnen zijn voor zowel hulpverleners als onze kinderen?

En dan heb je deze week, waarin ik volledig op zelfstandige basis ging spreken voor mensen die begrijpen en erkennen hoe belangrijk onze functie is en hoe we met zijn allen bijdrage in de armoede die bestaat. Waar wel mag uitgesproken worden op welke manier de hulpverlening faalde in mijn dossier en later ook in dat van mijn kinderen… en niet minder belangrijk: toen ik hulpverlener was en een beter inzicht kreeg in de hiaten die bestaan. Hoe ik mag verwachten dat er een respectvolle open communicatie is. En kan aanraken hoe wij als mensen en maatschappij omgaan met deze kwetsbare doelgroep maar ook met elkaar.

De laatste gastles was voor een zestigtal mensen, mensen die later in de hulpverlening terecht komen. En dan kan ik maar 1 ding bedenken ‘whauw’ voor de fantastische manier waarop ze luisterden naar mijn verhaal, respectvol hun inbreng en bedenkingen brachten. Het geeft me het gevoel dat het mogelijks toch veranderen kan. Dat er heel wat mensen wel het inzicht verwerven dat we als maatschappij een grote rol hebben in het doorbreken van gedragspatronen die OVERAL bestaan. Dat we veelal vanuit eigen overtuigingen en vooroordelen beslissingen nemen.

We hebben allemaal een verantwoordelijkheid en indien we de moed en kracht zouden vinden om te spreken als er negatief gedrag aanwezig is dan zou de hulpverlening al een stukje mooier zijn en ook binnen het onderwijs zou het een must moeten zijn. Als we als gemeenschap zouden handelen en beter zorg dragen voor elkaar zou zo’n extreme armoede dan nog bestaan? Indien we zouden vertrekken vanuit de geborgenheid en veiligheid voor onze jeugd en vandaar uit beslissingen nemen, zou die generatiearmoede dan nog eens 40 jaar voortbestaan? Als we willen dat mensen hulp vragen, mogen we ze dan zomaar veroordelen. Is het naïef te geloven dat deze mensen niet aanvoelen hoe wij naar ze kijken, hen behandelen en over hen oordelen. Hoe taboes blijven bestaan omdat niemand echt durft spreken op cruciale momenten. Of kan het zijn dat onze oordelen net maken dat mensen zich doodschamen en van daaruit geen hulpvragen meer kunnen stellen en verdoezelen hoe ze echt leven?. Zou het kunnen dat de hulpverlening nog niet voldoende gegroeid is om onze opzet te laten lukken? En dat de verantwoordelijkheid niet enkel bij de ouders ligt maar ook bij de hulpverlening en ons beleid?

Als iedereen hardnekkig blijft ontkennen waar we falen, kiezen we dan met zijn allen voor een falende hulpverlening die nog 40 jaar zal bestaan? Kunnen we dan beweren dat we alles doen om een betere toekomst voor onze jeugd te realiseren? Het is zoals een journaliste die beweerde dat ik veel te negatief ben over jeugdrechters en ondertussen niet begrijpt dat haar ontkenning van de feiten maakt dat ook zij nog 40 jaar op de kar zal springen om met de kraan open te blijven dweilen… opnieuw en opnieuw en opnieuw… Gelukkig erkende een jeugdrechter vrijwel onmiddellijk dat ze de eerste is om toe te geven dat er serieuze inschattingsfouten gebeuren en ik begrijp ook heel goed waarom  Menselijk is het zeker maar het kan anders; daar ben ik echt van overtuigd. Ik heb het aan den lijve ondervonden in het dossier van mijn kinderen. Een positieve ervaring toen ze aan me werden toegewezen en de eis tot co-ouderschap verviel… een negatieve ervaring toen het drugsprobleem van hun vader niet voldoende groot was om te vermijden dat ze op bezoek Moesten gaan zonder toezicht…. Ik had geen bewijzen terwijl een rechtbank gewoon zijn urine had kunnen testen… 1 simpele test of 1 gesprek met onze zoon( die de cocaïne en zakjes wist liggen en de verstop-plaatsen op 4 jaar reeds kende… had kunnen aantonen dat ik de vader op zich geen probleem vond maar de manier waarop hij leefde en ik dus geen vete wou maar hulp voor de man. Maar in plaats van een ONMIDDELLIJK sociaal onderzoek op te starten bleef de melding weken liggen tot de man was verhuist en uiteindelijk kreeg ik een sociaal onderzoek over me heen…  De sociale dienst van de politie en hun onderzoek is nog even onwetend dan toen ik in een kelder opgesloten zat. Helaas … Op een HB van 10min. moeten ze controleren of je een goede ouder bent door naar de kamers te gaan kijken en in de ijskast? Intriest want als u beseft dat in mijn ouderlijk huis alles tip top in orde was… Een taboe dat kan tellen, alsof alle slechte ouders in chaos leven? De vader van mijn kinderen is nu 20 jaar later nog steeds verslaafd. Hij kreeg niet de kans om in behandeling te gaan door de ontkenning van mijn beschuldigingen en de verklaring van mijn zoon. Maar ook door het parket dat mijn melding liet liggen, er werd geen beslissing genomen in functie van de veiligheid en ontwikkeling van mijn kinderen enz….Bij een crisis zou je denken dat er spoed op het dossier staat maar ook hier is de dag van vandaag nog steeds tijd en ruimte om tussen de mazen van het net te glippen… Fysiek geweld vernedering en verwaarlozing stonden centraal als ze bij hun vader op logé gingen. En ondertussen vocht ik om die generatiearmoede voor mijn kinderen te doorbreken…
Erkenning is zo cruciaal en zal heel wat frustraties wegnemen waardoor er ruimte komt, hoop en effectieve verandering gerealiseerd kan worden. De hulpverlening houdt mee in stand hoe kinderen vandaag nog steeds opgroeien met zulke tragedies en er niet wordt geluisterd naar mensen die aan de alarmbel trekken…De durf om wetten in vraag te gaan stellen en te veranderen: voor onze jeugd te kiezen; dat mis ik 

Wat voelen we, Wat denken we, Wat zien we gaf in de twee gastlessen meer interactie dan ik ooit bij mijn oude werkgever kreeg.

Het waren maar enkele vraagstellingen van mijn gastlessen en de mensen hingen ‘bijna letterlijk’ aan mijn lippen. Het heeft me diep ontroerd hoe de menselijkheid geraakt werd. Dit is precies wat we nodig hebben. Studenten en hulpverleners die veel bewuster in het leven staan. Waarvan de meeste in de hulpverlening zullen meedraaien en de moed en kracht hebben/vinden om moeilijkheden te bespreken. En dan heb ik de eer om voor zo’n groep te mogen spreken. Is het moeilijk voor onze maatschappij om problemen te hebben? Mogen wij mensen moeilijkheden ervaren of hebben we liever de schone schijn… was nog zo’n vraag die ons aan het denken bracht…

De interactie van de groep, de manier waarop ze geraakt werden: dat raakte mij en dat heb ik zo gemist bij Kind en Gezin. Dat de groep oprecht luisterde en interesse toonde, dat je hen bijna hoorde denken in de les en dat de groep er ook effectief iets aan gehad heeft. Wel dat deed zo’n deugd. Het vertelt me dat je nooit mag opgeven en er altijd een manier is om te doen waar je goed in bent. Ik denk dat ik een manier heb gevonden om mijn steentje bij te dragen. Hop naar een mooiere wereld waarin we dichter tot elkaar komen en een goede, stabiele hulpverlening realiseren.

Achteraf kreeg ik nog enkele mails en het mooiste is toch wel dat ze na de gastlessen nog veel hebben nagepraat over de inhoud van mijn les. Ik heb mijn doel bereikt om iets te doen met mijn bagage op een positieve manier zonder nog langer toe te laten dat de realiteit ontkent wordt.

Ik ben dan ook dankbaar voor elkeen die me steunt in de verkoop van mijn boek, me durft in te schakelen om te komen spreken en bewust mijn verhaal verspreiden. Dankzij ieder van jullie kan ik op een nuttige manier toch nog iets betekenen voor deze kwetsbare doelgroep en in het bijzonder voor onze kinderen 

Jullie zijn stuk voor stuk fantastisch.
Dankjewel
Ingrid(je)

Auteur: Ingrid Wackenier

Je kan ons ook volgen op Facebook https://www.facebook.com/deanderekantvanhetverhaal/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *